Zoals we u in een vorig Hardans-geschrift al hebben bericht, was de Stadsarcheologische dienst van Den Haag achter het ondergrondse wijndepot van De Hardans een Middeleeuwse kelder op het spoor.
Met de meest geavanceerde meetapparatuur speurden de heren van deze Haagse dienst naar de overblijfselen van dit unieke stukje geschiedenis. Want uit oude kaarten bleek dat er iets groots moest zijn.
.....daar wilde ik het licht aan doen, toen ik plotseling het zachte getinkel van de harlekijn hoorde. Ik groette hem in gedachten en zag een
stiekeme beweging vanuit mijn ooghoek. Wat een grapjas toch, die dansende harlekijn. Ik ontstak een kaars en liep tussen de wijnrekken door. De belletjes achtervolgden me voorzichtig.
Verbeeldde ik me dat of probeerde hij me iets duidelijk te maken?...
Het had enige voeten in de Haagse aarde, maar langzamerhand kwamen de feiten boven de grond. Volgens de oude en iets nieuwere naslagwerken hebben op de plek waar nu de Hardans is gehuisvest naast adelijke families ook belangrijke grafelijke ambtenaren gewoond. In een bakstenen huis van meer dan tien meter diep en met mogelijk een stenen kelder (!). Dit huis had de breedte van de huidige nummers 11 tot en met 19 in de Nobelstraat. De namen van een burgemeester, een kolonel, enkele rechters en andere grafelijke en vorstelijke personen passeerden de historische revue. De graaftocht naderde de ontknoping
.....In het halfduister pakte ik enkele flessen Bourgogne uit het rek waarbij mijn oog viel op een losse steen in de wand daarachter. Het vlammetje van mijn kaars waaide vervaarlijk en het klaterende geluid van de belletjes werd duidelijker. Ik zette de flessen neer en, alsof het me werd ingefluisterd, begon aan de steen te trekken
De onderzoekers stuitten, op een doordeweekse dag eind november anno 1997, op de resten van een heus ondergronds Middeleeuws vertrek uit omstreeks 1570. Er lag, zoals de geschiedschrijving al vermeldde, daadwerkelijk een kelder achter de dikke keldermuren van ons restaurant.
Het gewelf was half ingestort, maar kon met veel beleid grondig worden uitgegraven. Halfvergane delen van stenen wijnkruiken, een volledig intact glazen flesje uit de tijd van de Romeinen en enkele muntachtige stukken maakten deel uit van de schat. Maar wat ons het meest frappeerde was een klein, roestig, blauw-koperkleurig belletje van een harlekijnsmuts....
Geheel tegen mijn verwachting in liet de steen zich makkelijk wegpakken en zag ik in het schemer een donker gat. Ik hield de kaars erbij en zag een holle nis. Voor zover ik het kon zien zat er een lege ruimte achter.. Enigszins aarzelend stak ik mijn hand in het gat. Heel even leek het erop alsof ik door de muur heen werd getrokken. Het getingel van de nar bracht me weer in de werkelijkheid van de Hardans terug
....We weten inmiddels waar deze ontdekkingen toe hebben geleid. De Hardans is een stukje geschiedenis rijker. De Stadsarcheologische dienst is inmiddels kind aan huis en we hebben toestemming om de kelder te gebruiken. Maar doe ons een lol. En laten we proberen dit verhaal buiten de media te houden. Zodat dagjesmensen en souvenirjagers geen lucht krijgen van deze geschiedenis. We willen graag in alle rust de daadwerkelijke betekenis van het duistere vertrek achterhalen. In de tussentijd kunt u onder het mom van een goede maaltijd meer te weten komen over onze avonturen.
Na dit verhaal vermoeden we dat de harlekijn ons nog wel het een en ander kan vertellen. Want als de legende waar is dat hij tijdens een roerige feestavond is bezweken, in de kelder is gegooid en daar de volgende morgen uit vedwenen was, dan zijn wij reuzebenieuwd naar alle geheime gangen die nog tevoorschijn komen. En daarmee de verhalen. Het kan toch niet voor niets zijn dat hij nog rondwaart in ons restaurant...
|